Ceratophyllum demersum (Grof hoornblad)
Wetenschappelijke naam: Ceratophyllum demersum.
Nederlandse naam: Grof hoornblad.
Familie: Ceratophyllaceae.
Herkomst: Europa, Noord-Azië en Noord-Amerika.
Zone: Achter of als drijfplant.
Plaatsing: In een groepje of als drijfplant.
Belichting: Normaal.
Verzorging: Makkelijk.
Groeisnelheid: Zeer snel (tot wel 10 cm per dag).
Hoogte (min. max.): 60 - 90 cm.
Temperatuur (min. max.): 18 - 28 Celsius.
pH (min. max.): 6,5 - 7,5.
CO2: Niet nodig.
Meststoffen: Niet nodig.
Extra's:
Vermeerderen: Door zijscheuten en toppen.
Bijzonderheden: De plant vangt veel zweefvuil op, dus regelmatig dat verwijderen. Ook geschikt als drijfplant. Doordat de plant zo snel groeit haalt hij veel voedingsstoffen uit het water en dat voorkomt weer algengroei.
Grof hoornblad (Ceratophyllum demersum) is een inheemse, overblijvende waterplant uit de hoornbladfamilie (Ceratophyllaceae). De soort komt voor in Nederland en België, maar ook in grote delen van Europa, Noord-Azië en Noord-Amerika. Deze ondergedoken plant heeft donkergroene, stijve bladeren en is te onderscheiden van fijn hoornblad (Ceratophyllum submersum), dat doorgaans lichter van kleur is.
Grof hoornblad vormt geen wortels, maar groeit vrij zwevend in het water. De plant kan 60 tot 90 centimeter lang worden en groeit onder gunstige omstandigheden zeer snel, soms tot wel 10 centimeter per dag. Daardoor neemt zij veel voedingsstoffen uit het water op, wat haar geschikt maakt als achtergrondplant in aquaria en als nuttige plant in vijvers. De stengels voelen hard aan en breken gemakkelijk; bovendien blijven zweefdeeltjes er makkelijk aan hangen. Helder water en regelmatig onderhoud zijn daarom belangrijk.
Vermeerderen gaat eenvoudig via zijscheuten. De bladeren zijn 0,6 tot 3 centimeter lang, één- of tweemaal gevorkt en voorzien van twee tot vier smalle, meestal stijve en stekelig getande slippen. In de herfst vormt de plant overwinteringsknoppen, ook wel turionen genoemd. Deze laten los, zinken naar de bodem en stijgen in het voorjaar weer op om nieuwe planten te vormen. Grof hoornblad bloeit onder water van juli tot in de herfst. De mannelijke en vrouwelijke bloemen hebben geen kelk- of kroonbladen, maar worden omgeven door groene schutbladen. Bestuiving vindt eveneens onder water plaats. De olijfgroene vrucht is een 4 tot 6 millimeter lang nootje met aan de voet twee of drie gebogen stekels.
De vrucht kan via waterstroming en watervogels worden verspreid. In het wild groeit grof hoornblad in zonnig tot licht beschaduwd, voedselrijk en hard zoet of zwak brak water, boven een modderbodem. De plant komt onder meer voor in vijvers, poelen, sloten, kanalen, langzaam stromende beken en luwe delen van plassen en rivieren. In Nederland is de soort algemeen in het rivierengebied, Noord- en Zuid-Holland en Friesland.
Hoe nuttig vond je dit artikel?
Klik op een ster om jouw beoordeling achter te laten.
(Plaatsing star-rating 13-10-2026)