Laatst bijgewerkt: 25 juni 2026

🔎 Klik op kleine foto hieronder voor vergroting 🔍

© Foto 1: Karim Bouwmans, foto 2: Jonas Schauvliege, foto 3 en 4: Jan Fioole

Vuurkeelcichlide

Thorichthys meeki

Mexico, Guatemala en Belize.


IUCN-status: Niet bedreigd (2019)

Nederlandse naam: Vuurkeelcichlide.

Wetenschappelijke naam: Thorichthys meeki (Brind, 1918).

Synoniemen: Thorichthys helleri meeki, Cichlasoma meeki, Herichthys meeki, Cichlasoma hyorhynchum.

Oorsprong: Midden-Amerika. 

Landen: Mexico, Guatemala en Belize.

Leefomgeving: De Thorichthys meeki leeft van nature in de laaglanden van de Atlantische helling in Midden-Amerika, met het zwaartepunt in het zuidoosten van Mexico (vooral het schiereiland Yucatán, Veracruz, Tabasco en Chiapas), Belize en het noorden van Guatemala. Het verspreidingsgebied strekt zich uit over verschillende grote riviersystemen. Ze komen veelvuldig voor in de stroomgebieden van de Río Usumacinta en Río Grijalva. Op het kalksteenplateau van Yucatán bewonen ze ook de bekende cenotes (ondergrondse waterpoelen en zinkgaten). Ook worden ze aangetroffen in lagunes, traagstromende beken, sloten, bronnen en tijdelijke poelen langs de weg. De vis geeft de voorkeur aan ondiep (< 1,5 meter), stilstaand of traag stromend water. Ze vermijden de hoofdstroom van snelstromende rivieren en zoeken de rustige oevers op. De bodem in hun leefgebied bestaat hoofdzakelijk uit dikke lagen modder, zand of kalksteen (mergel), vaak bedekt met organisch materiaal zoals afgevallen bladeren en gezonken boomtakken. Dit verklaart hun drang om in het aquarium de bodem om te woelen op zoek naar voedsel. Het water varieert sterk van kristalhelder (in kalksteengebieden en cenotes) tot zeer troebel en modderig. Ze houden zich graag op tussen oeverbeplanting en ondergedompelde vegetatie (zoals waterlelies en algen) die bescherming biedt tegen roofvissen en vogels. In het wild is de Vuurkeelcichlide een zeer flexibele vis die zich goed kan aanpassen, wat te zien is aan de uiteenlopende waterwaarden per regio.

Geslachtsonderscheid: De mannetjes worden groter, zo'n 17 centimeter, waar de vrouwtjes een lengte bereiken van zo'n 13 centimeter. De vrouwtjes hebben verder meer kleur op hun vinnen en een rondere buikpartij. Het einde van de rugvin van de mannetjes loopt spits toe en is bij de vrouwtjes rond.

Temperatuur: 22 - 26 graden Celsius.

pH: 6,5 tot 7,5.

GH: 5 tot 10.

Licht: Matig.

Beplanting: Gebruik stevige planten want vooral tijdens de paring woelen ze alles om. Drijfplanten om het licht te dimmen worden ook op prijs gesteld.

Bodembedekking: Gebruik zand of (afgerond) fijn grind. Verder veel stukken hout, takken en stenen mogen ook niet ontbreken.

Stroming: Matig.

Leeftijd: 8 jaar.

Lengte: 12 tot 20 cm.

Voedsel: Van nature is het een alleseter met een voorkeur voor algen. Toch graaft hij graag in de bodem, waarbij hij happen neemt en deze zeeft op zoek naar eetbaar materiaal. Zo krijgt hij zowel dierlijk als plantaardig voedsel binnen. Voor het aquarium is een gevarieerd menu daarom essentieel. Bied een mix aan van diepvries- of levend voer, zoals muggenlarven, artemia, mysis, krill en insecten, afgewisseld met plantaardig voedsel zoals droogvoer of verse groenten. Opvallend genoeg hebben ze een speciale voorkeur voor sla.

Aquariummaat: 150 cm.

Waterlaag: Midden.

Karakter: Vreedzaam.

Aantal: Per paartje.

Geschikt voor: Beginners met enige ervaring.

Geschikt voor gezelschapsaquarium: Nee.

Tijd voor uitkomen eitjes: Na ongeveer 3 dagen.

Bijzonderheden:

Kweekinfo: Het kweken met de Vuurkeelcichlide is vrij eenvoudig.

Men kan duidelijk zien dat zich een koppel heeft gevormd wanneer ze beginnen met het vormen van een territorium en alle andere vissen daaruit resoluut verjagen. Vervolgens gaan ze actief op zoek naar een geschikte steen (zorg er dus voor dat er voldoende stenen in het aquarium aanwezig zijn), die eerst grondig en zorgvuldig zal worden schoongepoetst door het koppel. Na het intensieve schoonmaken van de steen zal het vrouwtje tussen de 100 en 500 eitjes afzetten, die vrijwel direct daarna zorgvuldig door het mannetje worden bevrucht om de voortplanting te voltooien.

Ongeveer 3 dagen na het afzetten van de eitjes komen ze uit, en nog eens 3 dagen later beginnen de jongen te zwemmen. Op dat moment kan er gevoerd worden met fijn stofvoer en Artemia. De ouders graven kuilen in de bodem van het aquarium waar de jongen gedurende 7 tot 8 dagen zorgvuldig in worden ondergebracht om ze te beschermen. Daarna beginnen de jongen samen met de ouders het aquarium verder te verkennen. Deze jonge vissen zijn echter zeer gevoelig voor veranderingen in de watersamenstelling; probeer dit dus zoveel mogelijk te voorkomen totdat ze een grootte van ongeveer 6 centimeter hebben bereikt en sterker zijn geworden.


Overweegt u een Thorichthys meeki (Vuurkeelcichlide) aan te schaffen?

Klik dan op het logo van onze partner, StarFish Aquaria.


Hoe nuttig vond je dit artikel?

Klik op een ster om jouw beoordeling achter te laten.

(Plaatsing star-rating 21-02-2025)

Rating: 5 sterren
10 stemmen