Laatst bijgewerkt: 18 maart 2026
IUCN-status: Niet bedreigd (2019)
Nederlandse naam: Smaragdprachtcichlide.
Wetenschappelijke naam: Pelvicachromis subocellatus Matadi (Günther, 1872).
Synoniemen:
Oorsprong: Afrika.
Landen: Nigeria, Gabon, Democratische Republiek Congo.
Leefomgeving: De Pelvicachromis subocellatus "Matadi" komt van nature voor in het prachtige en biodivers rijke West-Afrika, specifiek in de diverse kustgebieden die zich uitstrekken van Gabon tot aan de benedenloop van de Congo-rivier in de Democratische Republiek Congo. De naam "Matadi" verwijst naar de karakteristieke havenstad aan de Congo-rivier waar deze specifieke en kleurrijke kleurvariant oorspronklijk vandaan komt. Ze bewonen voornamelijk traagstromende rivieren, beken en stilstaande poelen in deze kustgebieden. De leefomgeving is vaak dicht begroeid met een overvloed aan onderwaterplanten, die schuilplaatsen bieden. Ze verschuilen zich vaak tussen de wortels van bomen, omgevallen bomen en rotsen die een natuurlijk decor vormen. Uniek aan de P. subocellatus is dat ze soms worden aangetroffen in estuaria waar het water licht brak (zoutachtig) kan zijn, hoewel ze meestal in zoet water leven, wat hun aanpassingsvermogen laat zien. Het zijn holenbroeders, wat betekent dat ze voorkeur geven aan het zoeken naar veilige plaatsen om hun voortplantingscyclus te starten. In hun natuurlijke omgeving zijn ze voortdurend op zoek naar nissen, spleten onder wortels of holtes tussen stenen om hun eieren af te zetten en effectief te beschermen. Ze zijn zeer territoriaal, vooral tijdens de belangrijke kweekperiode, waarbij ze met veel inzet een klein gebied dat zich rond hun gekozen hol bevindt fel verdedigen tegen indringers.
Geslachtsonderscheid: Het mannetje is te herkennen aan zijn puntige rug- en anaalvinnen. Het vrouwtje daarentegen heeft een iets kleinere lichaamslengte, een vollere buik en ontwikkelt tijdens de paaitijd een opvallende roze blos op haar flanken.
Temperatuur: 24 - 25 graden Celsius.
pH: 6,5 tot 7,5.
GH: 5 tot 19.
Licht: Matig.
Beplanting: Goed beplant aquarium.
Bodembedekking: Een bodem van zand of filterzand.
Stroming: Zwak tot matig.
Leeftijd: 5 jaar.
Lengte: Mannetje ongeveer 10 cm en het vrouwtje tot 8 cm.
Voedsel: In de natuur leven deze dieren voornamelijk van dood organisch materiaal (detritus), afkomstig van zowel planten als dieren. In het aquarium zijn ze niet kieskeurig en eten ze vrijwel alles wat je aanbiedt. Voorzie echter een gevarieerd dieet om hun gezondheid en welzijn te ondersteunen. Ze waarderen droogvoer zoals pellets en cichlidenkorrels, maar het belangrijkste deel van hun voeding zou moeten bestaan uit diepvries- en levend voer, zoals bijvoorbeeld artemia, muggenlarven, watervlooien etc.
Aquariummaat: 80 cm.
Waterlaag: Boven, midden en bodem.
Karakter: Vreedzaam.
Aantal: Per paartje.
Geschikt voor: Beginners.
Geschikt voor gezelschapsaquarium: Ja, mits er geen kleine vissen bij zitten.
Tijd voor uitkomen eitjes: Na 2 of 3 dagen.
Bijzonderheden: Smaragdprachtcichliden zoeken graag op de bodem naar voedsel, waardoor een zandbodem ideaal is. Bovendien spoelen ze, net als veel andere cichlidensoorten, regelmatig hun kieuwen met zand. Ze voelen zich het beste thuis in een aquarium met een lichte stroming en subtiele, gedempte verlichting.
Kweekinfo: Het kweken met de Smaragdprachtcichlide is makkelijk.
Ze kunnen zelfs in een gezelschapsaquarium blijven zitten, zolang deze groot genoeg is en voldoende ruimte biedt. Uiteraard kan men er ook voor kiezen om gebruik te maken van een aparte kweekbak, wat in veel gevallen de voorkeur heeft om optimale omstandigheden te creëren.
Men moet zorgen voor voldoende schuilplaatsen in het aquarium, want dit biedt de vissen extra veiligheid en comfort. Verder is er in principe niets speciaals nodig om succesvol te kweken. Per keer worden er doorgaans zo'n 60 tot 100 eitjes afgezet in een goed verborgen holletje of schuilplaats. Het vrouwtje zal het legsel zorgvuldig bewaken, terwijl het mannetje het territorium rondom beschermt tegen potentiële indringers. Beide ouders dragen actief bij aan de verzorging van de jongen door hen van voedsel te voorzien. Bij wildvang-exemplaren kan het nuttig zijn om een beetje zout aan het water toe te voegen, namelijk 1 theelepel per 5 liter water, om de omstandigheden te verbeteren en stress te verminderen.
Hoe nuttig vond je dit artikel?
Klik op een ster om jouw beoordeling achter te laten.
(Plaatsing star-rating 18-02-2025)