Laatst bijgewerkt: 5 augustus 2025

🔎 Klik op foto hierboven voor vergroting 🔍

© Foto: Clarinde de Koning-Rodenburg

Glasrasbora

Boraras urophthalmoides

Cambodja, Maleisië en Thailand en Vietnam.


IUCN-status: Gevoelig (2011)

Nederlandse naam: Glasrasbora.

Wetenschappelijke naam: Boraras urophthalmoides.

Synoniemen: Rasbora urophthalmoides, Rasbora urophthalma.

Oorsprong: Azië. 

Landen: Cambodja, Maleisië en Thailand en Vietnam.

Leefomgeving: Deze soort leeft in ondiepe wateren zoals moerassen, overstromingsvlakten, vijvers en rijstvelden. Je vindt hem meestal tussen ondergedoken planten in helder water. Tijdens het regenseizoen trekt hij ook naar tijdelijk overstroomde gebieden.

Geslachtsonderscheid: Volwassen mannetjes zijn mooier van kleur dan de vrouwtjes.

Temperatuur: 24 - 28 graden Celsius.

pH: 5,5 tot 6,8.

GH: 5 tot 8.

Licht: Matig.

Beplanting: Dichte randbeplanting met nog wel voldoende zwemruimte. Drijfplanten zijn ook aan te raden.

Bodembedekking: Zand of grind.

Stroming: Zwak tot matig.

Leeftijd: 8 jaar.

Lengte: 4 cm.

Voedsel: In de natuur leven ze van kleine ongewervelde dieren, schaaldieren en ander zoöplankton. In het aquarium kun je ze voeren met levend of diepvriesvoer, zoals artemia en watervlooien. Voor een uitgebalanceerd dieet kun je dit aanvullen met hoogwaardig droogvoer.

Aquariummaat: 60 cm.

Waterlaag: Onder het midden.

Karakter: Zeer vreedzaam.

Aantal: Schooltje van 7 of meer.

Geschikt voor: Ervaren aquariaan.

Geschikt voor gezelschapsaquarium: Nee.

Tijd voor uitkomen eitjes: 1 á 2 dagen.

Bijzonderheden: Vanwege zijn kleine formaat kan men dit visje beter in een speciaal aquarium houden of samen met andere kleine soorten.

Kweekinfo: Het kweken van de Glasrasbora is moeilijk.

Het grootste probleem is dat dit visje, ondanks zijn kleine formaat, een echte eierrover is en daarmee een ernstige bedreiging kan vormen, ook voor zijn eigen eitjes. Zodra de eitjes zijn gelegd, moeten de ouders direct worden verwijderd om ze te beschermen. De eitjes worden zorgvuldig afgezet tussen de bladeren van fijnbladige planten, waar ze goed verborgen liggen.

Na het uitkomen van de eitjes kunnen de jongen nog ongeveer anderhalve dag teren op hun dooierzak, die hen van de nodige voedingsstoffen voorziet. Daarna kan men beginnen met het voeren van het allerfijnste stofvoer dat beschikbaar is, zodat ze de essentiële voedingsstoffen binnenkrijgen die ze nodig hebben om te groeien.


Hoe nuttig vond je dit artikel?

Klik op een ster om jouw beoordeling achter te laten.

(Plaatsing star-rating 23-02-2025)

Rating: 5 sterren
1 stem