Laatst bijgewerkt: 15 maart 2026

🔎 Klik op kleine foto hieronder voor vergroting 🔍

© Foto's: Dewachtere Pieter

Apistogramma eremnopyge

Peru (alleen uit de regio Loreto in het noordoosten van Peru).


IUCN-status: Niet bedreigd (2014)

Nederlandse naam: Apistogramma eremnopyge.

Wetenschappelijke naam: Apistogramma eremnopyge (Ready & Kullander, 2004).

Synoniemen:

Oorsprong: Zuid-Amerika. 

Landen: Peru (alleen uit de regio Loreto in het noordoosten van Peru).

Leefomgeving: De natuurlijke leefomgeving van de Apistogramma eremnopyge bevindt zich in de prachtige en biodiversiteit-rijke Loreto-regio van noordoostelijk Peru. Ze worden hoofdzakelijk gevonden in de Río Pintuyacu, die een zijrivier is van de grotere Río Itaya nabij de stad Iquitos, evenals in de zijrivieren van het uitgebreide Nanay-systeem en de Río Tapiche. Deze vissen leven in langzaam stromende zijrivieren, kreken en stilstaande poelen, ook wel backwaters genoemd, die gekenmerkt worden door hun zeer zachte water. Dit water is meestal van het type blackwater, dat theekleurig is door de aanwezige tannines die uit de afgebroken bladeren komen, maar ze komen soms ook voor in helder water. De vissen bewonen vooral ondiepe oevers waar de bodem dik bedekt is met bladstrooisel, oftewel leaf litter. Deze bladeren bieden essentiële schuilplaatsen tegen predatoren en zijn de plek waar ze hun voedsel zoeken, wat voornamelijk uit kleine insecten en organisch materiaal bestaat. De omgeving is tevens rijk aan structuur door een overvloed aan gezonken takken, wortels en ander organisch materiaal, wat bijdraagt aan een gevarieerd ecosysteem.

Geslachtsonderscheid: Het mannetje is groter en kleurrijker dan het vrouwtje, met langere vinnen.

Temperatuur: 22 - 28 graden Celsius.

pH: 4 tot 6.

GH: 1 tot 10.

Licht: Zwak tot matig.

Beplanting: Houden van een dichte beplanting.

Bodembedekking: Ze geven de voorkeur aan een zanderige bodem. Daarnaast waarderen ze gedroogd bladafval, zoals bladeren van de beuk, eik of Ketapang-amandelboom, op de bodem.

Stroming: Zwak tot matig.

Leeftijd: 5 jaar.

Lengte: Vrouwtje 5 cm en mannetje 7 cm.

Voedsel: Van nature zijn het vleeseters die zich voeden met kleine ongewervelde bodemdieren. Zorg er daarom voor dat ze in het aquarium regelmatig diepvriesvoer en levend voer krijgen, zoals watervlooien, artemia of witte en zwarte muggenlarven. Droogvoer wordt meestal ook geaccepteerd, al geven ze de voorkeur aan pellets boven vlokken.

Aquariummaat: 60 cm.

Waterlaag: Onder het midden.

Karakter: Vreedzaam.

Aantal: Eén mannetje met twee of drie vrouwtjes of in een groep. In het geval van een groep is het belangrijk om minimaal drie mannetjes en het dubbele aantal vrouwtjes te hebben.

Geschikt voor: Beginners met enige ervaring.

Geschikt voor gezelschapsaquarium: Ja, mits samengehouden met niet al te drukke vissen.

Tijd voor uitkomen eitjes: Na 48 uur.

Bijzonderheden: Houd ze niet samen met andere Apistogramma-soorten om kruisingsrisico's te voorkomen.

Kweekinfo: De kweek met de Apistogramma eremnopyge is redelijk eenvoudig.

Deze vis is een holenbroeder, wat betekent dat hij graag beschutte plekjes opzoekt om zich veilig en op zijn gemak te voelen. Zorg daarom voor voldoende kleine schuilplaatsen in het aquarium, bijvoorbeeld door holletjes van stenen te creëren of halve kokosnoten neer te leggen als decoratieve en functionele schuilplekken. Wanneer het vrouwtje een mannetje heeft geaccepteerd, kiezen ze samen zorgvuldig een geschikte schuilplaats uit die geschikt is voor de ei-afzetting en waar de eitjes veilig kunnen worden bewaard. Het vrouwtje legt vervolgens tussen de 50 en 150 eitjes, die ze met grote toewijding en zorg bewaakt tegen mogelijke indringers. Tijdens deze periode kan ze behoorlijk agressief worden en stevig optreden als andere vissen te dicht in de buurt van het holletje komen. Daarnaast graaft ze regelmatig kleine kuiltjes in de zandbodem van het aquarium en verplaatst ze de eitjes daar af en toe naartoe om ze op een veilige plek te houden.

Na ongeveer 48 uur komen de eitjes uit. Ongeveer twee dagen na het leggen, breken de eerste larven uit hun eierschaal. Vijf tot zes dagen later beginnen de jongen vrij rond te zwemmen en hun eigen omgeving te ontdekken. In deze eerste fase hebben de jonge visjes microscopisch klein voedsel nodig om te kunnen groeien. Vervolgens kun je ze op een eenvoudige manier voeren met Artemia-naupliën, wat een uitstekende eerste voeding is.


Hoe nuttig vond je dit artikel?

Klik op een ster om jouw beoordeling achter te laten.

(Plaatsing star-rating 17-02-2025)

Rating: 5 sterren
6 stemmen


👉 Misschien vindt u onderstaande Apistogramma soorten ook interessant: